Passie Pensioneert Nooit voor Karin Bos

Wat is mijn grootste passie in mijn werk? Als beeldend kunstenaar hou ik mij bezig met schilderen. Ik vind het geweldig om wat ik zie op reis of wat mij anderszins raakt te kunnen gebruiken om iets tastbaars te creëren. Het vermogen om mijn fascinaties om te zetten in beeld en zo te delen met anderen, dat talent is echt een geluk waar ik niet op uitgekeken raak.

Wat is mijn idee van ultiem geluk? De onverwachte vondsten. Als ik aan een schilderij begin heb ik wel een plan, maar het schilderen is een proces waar tijdens van alles gebeurt waarbij ikzelf verrast kan worden. Zo’n moment van inzicht is een kick, net als het moment dat ik me besef dat een schilderij af is. Het blijft magisch dat er dan een uniek nieuw beeld is ontstaan, gemaakt door mij, heerlijk.

Wat is mijn grootste angst? Dat mijn werk mij ziek maakt. Ik ben nu meer dan 30 jaar schilder en probeer zo veel als mogelijk te voorkomen dat ik ongezonde dampen inadem etc. Als kunstenaar is het belangrijk dat mijn hersenen, handen en ogen het goed blijven doen. Het feit dat ik sinds een paar jaar een leesbril nodig heb bij het schilderen van details vind ik al lastig.. Ik wil graag zo lang mogelijk zo gezond mogelijk leven.

Waar houd ik het meest van aan mijn werk? De vrijheid en autonomie.

Wat is mijn minst aantrekkelijke eigenschap? Anderen vinden het maar lastig en raar dat ik niet aan WhatsApp doe en dergelijke. Zelf vind ik het raar en naïef dat mensen zo gemakkelijk hun privacy opgeven in ruil voor gemak (of geld). Het is steeds lastiger om je daaraan te onttrekken. Je belastingaangifte doen zonder DigiD is een heel gedoe, en als je fiets gestolen is kan je al helemaal geen aangifte meer doen zonder DigiD. Ook aan consumenten kuddegedrag doe ik niet mee. Men laat zich manipuleren, opeens denkt iedereen dat ze een selfie stick nodig hebben, of laat een tatoeage zetten, en men koopt snoep omdat het naast de kassa ligt. Bij mij werkt het iets anders. Van muziek in de lift word ik niet rustig maar juist agressief. Van ‘harde’ bands zoals Rage against the machine word ik vrolijk en van ‘gezellige feestmuziek’ word ik chagrijnig. Kortom, ik ben nogal atypisch en laat me niet vertellen wat ik moet doen, soms botst dat met anderen.

Wat is mijn grootste valkuil? Mijn doorzettingsvermogen, focus en energie hebben mij ver gebracht, maar mijn valkuil is dat ik alsmaar doorga. Daarom moet ik er op letten op tijd de knop om te zetten en te ontspannen. Sporten blijkt daar heel geschikt voor te zijn.

Wanneer zou ik liegen? Als het moet.

Welke personen in mijn professie, die nu leven, bewonder ik het meeste? Omdat het zo’n individualistisch beroep is, is het fijn als ik geestverwanten tref. Dan herken ik fascinaties en zie hoe zij die aanwenden in hun werk. In het CODA museum mag ik als gastcurator een groepstentoonstelling samenstellen, geheel naar eigen inzicht, wat fantastisch is om te doen. De werktitel is Expedition Common Ground, de kunstenaars die ik heb uitgenodigd zijn Bas Jan Ader, Jasper de Beijer, Patrick Bergsma, DAT: (Tammo Schuringa, Claudie de Cleen, Corinne Bonsma), Elspeth Diederix, Simon Faithfull, Florian Göttke, Scarlett Hooft Graafland, Jean Bernard Koeman, Jeroen Kooijmans, Lynne Leegte, Paul Nassenstein, Jochem op ten Noort, Michael Raedecker, Guido van der Werve, Henk Wildschut, Marjolijn de Wit, Erik Wuthrich. Bij de selectie van deze collega-kunstenaars heb ik gekeken naar werk dat goed past bij mijn gelijktijdige solotentoonstelling in het museum. Het landschappelijke speelt daarbij een rol, net als menselijke ingrepen in de natuur, zoals het creëren van een eigen habitat. Uit de geselecteerde werken spreekt de onderzoekende en open houding van de kunstenaars. Bij alle kunstenaars is er iets waarin ik mij herken. Dat kan een gemeenschappelijke fascinatie zijn, of verwantschap in werkwijze, vormen van samenwerking. Het laat zien hoe de kunstenaars zich verhouden tot hun bronmateriaal, hoe ze het vergaren en verwerken. Hoe ze telkens weer op reis gaan om tot nieuw werk te komen. Daarbij worden verschillende invalshoeken gehanteerd, soms documentair, dan weer manipulatief. De kunstenaar op expeditie. Als romanticus, ontdekkingsreiziger, verteller of uitvinder. De tentoonstelling gaat over zoeken, vinden, maar ook over verlies.

Waar houd ik het minst van aan mijn werk? Het telkens weer moeten uitleggen dat kunstenaar zijn mijn werk is waar ik van moet leven, dat het geen ‘linkse hobby’ is en dat het dus niet zo geweldig voor me is als ik gratis werk. Alsof je naar de bakker zou gaan en het brood gratis wilt omdat het zo leuk voor de bakker is als jij zijn brood eet…

Waar en wanneer was ik het meest gelukkig met mijn werk? De dag, in 1990, dat ik het bericht ontving van het toenmalige Fonds BKVB dat mij een Startstipendium toegekend was, zal ik niet vergeten. Dat bevrijdende gevoel van erkenning, met de bijbehorende financiële armslag; ik mocht echt kunstenaar zijn van de buitenwereld. Als pas afgestudeerde beginnende kunstenaar was dat een essentiële bevestiging.

Wat zegt de uitspraak ‘Passie Pensioneert Nooit’ mij? Kunstenaar ben je voor het leven.

Wat zou ik aan mezelf willen veranderen? Niks. Perfectie is saai.

Wat is mijn grootste professionele prestatie tot nu toe? De tentoonstelling die ik nu aan het voorbereiden ben in het CODA Museum.

Waar zou ik het liefst willen leven en werken? Tot nu toe is dat altijd Amsterdam geweest. Op mijn achttiende, een week na het ophalen van mijn VWO diploma woonde ik al in de stad als “cultureel vluchteling.” De laatste jaren echter is de stad geëxplodeerd, met name het lawaai maakt het lastig om te kunnen concentreren. ‘s Nachts verstoren dronken toeristen en uitgaanspubliek mijn slaapritme en overdag is de buurt een grote lawaaierige bouwput. Ook stoor me enorm aan de slechte luchtkwaliteit en zal de dag prijzen dat brommers verboden worden. Telkens als ik met mijn fiets achter zo’n walmend ding bij een stoplicht sta, denk ik “daar gaat weer een half uur van mijn levensduur af..” Waar ik heel blij van word is dat iedereen zichzelf mag zijn in deze stad, de diversiteit van de stad is een verademing die we moeten koesteren en beschermen. De stad als tolerante vrijplaats spreekt mij enorm aan.

Wat is mijn meest waardevolle bezitting? Bezit is ballast, ik ben niet materialistisch. Maar het is een nachtmerrie als mijn atelier zou afbranden. Een aantal schilderijen zijn mij heel dierbaar. Ik ben niet het type kunstenaar dat bronmateriaal van internet plukt. Het heeft voor mij een meerwaarde als ik er een persoonlijke band mee heb. De mensfiguren op mijn schilderijen zijn meestal bekenden, vrienden of familie van mij, of ik ben het zelf. Aangezien het landschappelijke een belangrijke rol speelt in mijn werk is het reizen essentieel voor de ontwikkeling van nieuw werk. Die opgedane reiservaringen en vriendschappen zijn voor mij opgeslagen in mijn schilderijen. Ik zou ze niet opnieuw precies zo kunnen schilderen als ze verloren zouden gaan bij een brand, de meeste andere spullen zijn vervangbaar.

Wat is mijn meest markante karakteristiek? Mijn power.

Wat is de plek waar ik de beste ideeën krijg buitenshuis, in mijn stad? Op de fiets. Helaas is het tegenwoordig niet meer mogelijk om weg te dromen op de fiets, want dan rij ik een aantal zwalkende toeristen omver. De tuin van het Rijksmuseum, met geweldige fontein, is een fijne plek vlakbij mijn atelier. Ook heb ik een maand geschilderd in expositieruimte Retort als ‘toerist in eigen stad’. Het publiek was welkom tijdens deze werkperiode waarin ik probeerde met andere ogen naar mijn dagelijkse omgeving te kijken. Zo ging ik wandelen in plaats van fietsen en koos ik andere routes. Het werkt om zo nu en dan uit je routine te stappen.

Wat is mijn favoriete plek om te eten en te drinken buitenshuis, in mijn stad? Ik heb niet een specifieke favoriete plek, het fijne van Amsterdam vind ik al die opties. Als ik trek heb in falafel ga ik naar Sonny, als ik gasten uit het buitenland heb ga ik met ze naar de Bazar op de Cuyp voor de ambiance, Noorderlicht vind ik een fijne plek als het mooi weer is, als ik wil onthaasten ga ik naar Trust (openingstijden: “we zijn open als we niet gesloten zijn”), voor vegan daghap met vrienden naar de Peper in OT301, als ik geen zin heb om te fietsen loop ik naar het Blauwe Theehuis in het Vondelpark, of naar de Frans Halsstraat, keuze zat.

Welke boeken hebben mijn leven beïnvloed en hoe? Ik ben opgegroeid in een geïsoleerd dorpje waar niks te doen was. De bibliotheek was mijn redding. Ik las er zo veel als ik kon, Simone de Beauvoir, Albert Camus, van hen leerde ik dat ik opties had in het leven. Er was meer dan het dorpse leven, de boeren en de pastoor. Er bleek zoiets als feminisme te bestaan, kunstenaars, dichters, ‘gekken’, anarchisten, atheïsten, filosofen, punkers, krakers, wauw, er ging een wereld voor me open. De meeste indruk maakte ‘Een Man’ van Oriana Fallaci, het verzamelde werk van Jan Arends en ‘1984’ van George Orwell.

Wie zijn mijn favoriete schrijvers? Behalve de bovenstaande namen, onder anderen Franz Kafka, Fjodor Dostojevski, Marguerite Duras, Franco Ferrucci.

‘You Only Die Once’. Welke muziek wil ik beluisteren op mijn laatste dag? Nick Cave.

Wie zijn mijn helden en heldinnen in real life? Nelson Mandela en iedereen die het lef heeft om zich te verzetten tegen onderdrukking en onrecht.

Welke film zou ik jou aanbevelen ooit in jouw leven te zien? Men zegt dat mijn schilderijen aan film-stills doen denken. De doeken lijken scenes die een verhaal suggereren, er staat iets onheilspellend te gebeuren, de suspense is voelbaar. Ik hou van films gemaakt door regisseurs met een kunstenaarsblik. Peter Greenaway, Quentin Tarantino, Alex van Warmerdam, Wim Wenders, David Lynch, Jim Jarmusch, of series zoals Breaking bad, of de opbouw van spanning door de muziek en de schoonheid van het in de wind dwarrelende plastic zakje in American Beauty van Sam Mendes.

Wat zegt de uitspraak ‘De Financiële Vrijheid om te Creëren” mij? Geld an sich interesseert mij niet, een bepaalde hoeveelheid is nodig om te kunnen blijven werken als kunstenaar zonder inhoudelijke concessies te hoeven doen. Meer dan dat hoef ik niet.

Welke rol speelt kunst in mijn leven en werk? De hoofdrol.

Wie is mijn grootste fan/sponsor/partner in crime? Mijn man Erik Wuthrich. Hij is beeldhouwer en samen hebben wij een aantal artist-in-residencies in binnen- en buitenland gedaan. Zo hebben we een maand gewoond en gewerkt in het Zuiderzeemuseum. Voor de tentoonstelling in het CODA Museum zijn we samen naar IJsland gereisd en naar Spanje om daar een rivier te volgen vanaf de bron tot het uitmonden in de oceaan. Het water dat we er getapt hebben is gebotteld in glazen objecten die we hebben geblazen in het glasmuseum in Leerdam. We helpen elkaar ook altijd bij het inrichten van tentoonstellingen, het transport van ons werk, etc., heel prettig is dat.

Met wie zou ik in 2017 graag willen werken? Ik heb het geluk dat bijna alle kunstenaars die op mijn verlanglijstje stonden toegezegd hebben om deel te nemen aan de groepstentoonstelling die ik in het CODA Museum samenstel.

Naar welk project, in 2017, kijk ik uit? Mijn solotentoonstelling in het CODA Museum in Apeldoorn, die op 19 november zal openen en de begeleidende groepstentoonstelling die ik daar samen mag stellen.

Welke mensen in mijn professie zou ik graag willen ontmoeten in 2017 Ik hoop dat alle deelnemende kunstenaars bij de opening aanwezig kunnen zijn.

Waar kun jij mij en mijn werk zien of ontmoeten in 2017? In het CODA museum is mijn werk te zien vanaf 5 november 2017 (de opening is op 19 november om 14.30 uur) t/m 4 maart 2018, Vosselmanstraat 299 in Apeldoorn. Of in mijn atelier, vlakbij het Museumplein in Amsterdam, ik vind het altijd leuk om mensen op atelierbezoek te krijgen. (afspraak: karinbos@xs4all.nl)

Wie zie ik graag uitgenodigd om hun Passie Pensioneert Nooit verhaal te vertellen?Erik Wuthrich

Hoe kun jij contact met mij opnemen?

Mijn website http://www.karinbos.info Mijn projectblog http://www.movingtargets.nl

Boodschap van Peter de Kuster, oprichter van Passie Pensioneert Nooit 

Fantaseer jij een goed deel van jouw tijd over een nieuwe creatieve loopbaan? Verlang jij naar een job die meer inspiratie biedt, meer vrijheid of wil je het gewoon uit proberen om voor jezelf te werken?  Stel je voor dat je een Proefrit kon maken in de job of onderneming van jouw dromen? Volledig zonder risico’s? Dat kan! Proefrit in jouw Droomjob, gelanceerd door Peter de Kuster, biedt de kans om meer dan 175 unieke creatieve loopbanen en ondernemingen uit te proberen.

Proefrit in jouw Droomjob reizigers besteden een paar uur of één tot drie dagen met één van de duizenden creatieve professionals die deelnemen aan Passie Pensioneert Nooit in Nederland of The Hero’s Journey/The Heroine’s Journey wereldwijd. Gepassioneerde en gecommitteerde mentoren die volledig opgaan in hun droomjob. Van fashion designers tot filmproducers, schrijvers, musici, kunstenaars tot galeriehouders en booking agents. Met mentoren in meer dan 30 landen en nieuwe die er elke dag bijkomen lijken de mogelijkheden oneindig.

De prijs van Proefrit in jouw Droomjob varieert tussen enkele honderden euro’s voor een paar uur tot Euro 2.995 voor een paar dagen,  maar 95% is ongeveer Euro 899 voor een dag van mentorship.  Dat is zeker goedkoper dan veel trainingen en coaching trajecten en de investering kan je in een professie laten belanden waar je zo van houdt dat elke dag voelt als een vakantie. Waar je nooit van wil pensioneren.

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s